Een mismatch tussen thuis en de wereld

Een heel groot deel van wie ik ben staat in relatie tot mijn ouders en broer. Met, in relatie tot, bedoel ik voornamelijk mijn verzet tegen hen. Net als bij vele andere immigranten gezinnen ligt de nadruk in het leven op de lichamelijke behoeften als eten, drinken, slapen en zekerheid; veiligheid, stabiliteit en bescherming. Mijn ouders hebben mij in al deze aspecten kunnen voorzien, door deze luxe positie kon ik mij focussen op sociale acceptatie, waardering en zelfontplooiing. Onderwerpen waar mijn ouders de luxe niet voor hadden. Dit resulteert in een kloof tussen ouders en kind, niet-westerse ouders en westerse kinderen, “ouderwetse” ouders en “moderne” kinderen.

Vanaf de dag dat ik voet zette op de middelbare school liep ik tegen de mismatch tussen de (traditionele) thuiscultuur en de (feminiene) schoolcultuur aan. Eerder zat ik op een Hindoe basisschool, waar autoriteit, tradities en saamhorigheid de overhand hadden. Op de middelbare school speelde zelfontwikkeling, zelfontplooiing en zelfreflectie een grote(re) rol, onderwerpen die thuis in een beperkt kader werden ‘besproken’. En met ‘besproken’ bedoel ik dat deze onderwerpen tussen neus en lippen door in beperkte maten werden benoemd. Echter, altijd met oog op financiële zekerheid en niet op mentale gezondheid of normen en waarden.

Een beroemde uitspraak van mijn moeder is, “in Suriname kennen we geen puberteit”. De puberteit is een periode waarin meisjes en jongens zich ontwikkelen tot volwassenen. Dat mijn moeder erkent dat ouders in Suriname (toentertijd) zich hier niet bewust van waren, weergeeft hoe ik ben opgevoed. De onvoorspelbare gedragingen en het verzet tegen gezag, maar ook seks en anticonceptie zijn dingen die zich voordeden tijdens mijn puberteit. Ook verder in mijn adolescentiefase, die voor velen tot ongeveer 24 jaar oud duurt, spelen onderwerpen betreft de ontwikkeling tot volledige volwassenheid een rol. Echter, konden mijn ouders dit proces niet eens benoemen of erkennen, laat staan begeleiden en ondersteunen. Dit zijn dan ook belangrijke onderwerpen geweest die volledig werden ontkend en onbesproken voorbij gingen. Mijn vader zegt dan ook: “wij zijn niet geleerd op te voeden.” Zij hebben zelf dit voorbeeld niet gehad en later in het leven hebben zij dit in geen enkel opzicht meegekregen.

En daar waar de Hindoestaanse gemeenschap een vangnet voor velen is, is dit niet het geval als het om opvoeden gaat. Het opvoeden en de problemen die hierbij komen kijken gaat nog steeds vaak gepaard gaat met stigma’s en taboes. De judging aunties kennen we natuurlijk allemaal. Toen ik naar clubs ging, alcohol dronk en een Afro-Surinaams vriendje had op 15-jarige leeftijd hoorde ik ze allemaal. Daar waar ik straf kreeg voor het sms’en met een jongen, mocht mijn broer hem slaan zonder enige consequenties. Meisjes horen zich op een bepaalde manier te gedragen en de ouderen en broers mogen elk middel gebruiken om dit gedrag te eisen. Ondertussen was er dus geen verbale communicatie betreft normen en waarden, was er ongelijkheid in non-verbale communicatie naar mijn broer en ik toe en waren er oordelen van buitenaf tegenover mij en mijn opvoeding.

Communicatie, leren van eigen ervaringen, voorbeelden uit de omgeving, het zijn allemaal aspecten die bij opvoeden komen kijken. Echter, geeft iedereen hier anders invulling aan. Bijna tien jaar later sprak ik met mijn ouders over mijn opvoeding tijdens de puberteit, iets dat mogelijk is gemaakt door gezinstherapie en individuele therapie. Zij zijn zich zeker in enige mate bewust van hun gebreken in de opvoeding maar perceptie speelt natuurlijk altijd een rol. Dat wat ik aankaart als ongelijkheid tussen jongens en meisjes, vinden zij bescherming. En als het gaat om communicatie en het juiste voorbeeld geven betreft sociale acceptatie, waardering en zelfontplooiing, weten zij simpel weg niet hoe.

Geschreven door Madhavi Gharbharan


#HÏVAN

Hivancommunity heeft als doel om de positie van de Hindoestaanse vrouwen te versterken in Suriname en Nederland. Het platform heeft meerdere concepten: interviews, een magazine en in de toekomst volgen (internationale) projecten. Het moet een kennisplatform worden, aangezien kennis er mede voor kan zorgen dat vrouwen uit een ongewenste sociale context kunnen bewegen. Het moet een platform zijn waar vrouwen vragen kunnen stellen die ze nergens anders kunnen stellen. De interviews moeten hen inspireren en adviezen geven. De scherpe columns moeten zorgen voor herkenbaarheid en bruikbare adviezen. En de projecten moeten leiden tot zichtbaar resultaat. >> Lees meer

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s